zondag 24 april 2011

Tweederde

Ik zit hoog boven op de trap die naar mijn atelier leidt. Ik neem een trek van mijn zoete sigaret en kijk naar de mensen die voorbij komen. Ze zien mij niet, maar ik hun wel. Er zijn maar weinig mensen die naar boven kijken. Ietsje verderop kijk ik in een tuin waar mensen een kopje koffie drinken en genieten van de zalig zachte avond. Ik geef licht van binnen, gloei, voel weer iets van het magische wat ik had op Bali.
   Ik weet hoe het komt. Ik heb me namelijk te pletter geschreven de afgelopen dagen, heb me verstopt in mijn atelier, ben niet in de zon geweest, heb me schandalig onttrokken aan het leven thuis. Het enige wat ik thuis heb gedaan is eten en slapen, en voor de rest niets.   
   Een hond blaft, een Harley Davidson knettert door de straat. Mijn sigaret is bijna op. Ik neem een laatste trek, pak de kussens waar ik op gezeten heb, op, en ga weer terug naar m'n boek. Ik tril een beetje, ben zelfs zenuwachtig. O, ik heb hier zo lang op gewacht, zo naar uitgezien.
   Want.
   Eindelijk ben ik aan het hoofdstuk toegekomen waarin Maya, de hoofdpersoon, aankomt op het geheime dolfijneneiland en Soedian zal ontmoeten. Tot nu toe was het nogal kommer en kwel met haar, maar nu, pas op tweederde van het boek, gaat ze het eindelijk leuk krijgen. En ik ook, hoop ik. Ik heb zin, ontzettend veel zin om dat eiland op te stappen. Ik mag het zo mooi maken als ik zelf wil.
En reken maar dat ik dat ga doen!