maandag 18 februari 2013

uitzicht




'Zeg, heb jij het nummer van je uitgever nog?' vroeg de accountant fijntjes.
Ik zat op zijn kantoor met een boodschappentas vol administratie, ongeordende mappen, halve afspraken, enge offertes en beduimelde bonnetjes om me heen.

'Je hebt een ontzorger nodig,' was de opmerking van een vriend die ik na het bezoek om raad vroeg.
'Heb jij tijd?' vroeg ik.
'Lijkt me leuk en buitengewoon gezellig met jou, maar nee, ik heb geen tijd,' zei hij.
'Waar haal ik dan een ontzorger vandaan?' vroeg ik.
'Je uitgever?' opperde hij voorzichtig.

'Wat wil je eigenlijk bewijzen met dit hele gedoe?' vroeg een lieve vriendin.
Gosj, ja, wat wilde ik bewijzen. Ik weet het niet. Ik was voor mijn gevoel helemaal niet bezig met iets te bewijzen. Ik was alleen maar bezig voor een goed produkt te zorgen en ik dacht dat ik degene was die dat het beste zou kunnen. Gek werd ik er wel van, maar a la, ik werd wel vaker gek van dingen.

'Gaat het wel goed met je?' vroeg moedertjelief bezorgd.
'Tuurlijk wel,' hikte ik, met mijn nog brandende sigaret een nieuwe aanstekend.

'Deze reep chocola is tot eind april houdbaar. Ik bewaar hem speciaal voor jou,' schreef een schat van een oude vriend van me.
'Druk,' mailde ik. Vervolgens zat ik in totale lamgeslagenheid naar het computerscherm te staren. Denken, zweet op de kop, zuchten, rennen als een kip zonder kop van het een naar het ander.

Dus toog ik al met al 10 dagen geleden voor een gesprek naar mijn uitgever, hetgeen afgelopen donderdag beklonken is met een hernieuwde samenwerking.
En man, wat viel er toen een last van me af. Tien kilo lichter voelde het, alsof de wereld niet meer drukte, maar blies.

'Godzijdank,' zei een vriendin die op bezoek was bij een verjaardagsfeestje waarop ik me ook bevond. 'Ik maakte me oprecht zorgen over je.'

Waarmee ik maar wil aangeven dat de mensen om me heen eerder in de gaten hadden wat het beste voor me was, dan ik.
Wat was het een strijd om in te zien dat ik niet alles kan.
En wat was het moeilijk voor me om in te zien dat ik het beste functioneer als ik alleen maar creatief hoef te zijn. Dat mijn zicht vertroebelt als het om zaken gaat.
Dat mijn kracht en passie in de creatie ligt, en niet in het maken van afspraken en het regelen van cont(r)acten. Wat een geworstel was het, wat een gepeins en gedoe.

Vanaf nu weet ik precies wat een uitgever voor je doet.
Een uitgever ontzorgt, en man, wat is dat heerlijk!
Ieder zijn vak. Boeken schrijven en uitgeven zijn 2 heel verschillende dingen.
Ik ben er achter gekomen dat ik ze niet wil combineren.
Ik kan niet alles, en zeker niet op zo'n korte termijn.
Dus.

En ja, nu zijn alleen de dode lijnen er nog.
Heftige deadlines, waar veel concentratie voor nodig is.
Ik heb me verschanst in mijn atelier: brood gehaald, sap, een fles wijn, tulpjes en shampoo.
De joggingbroek ligt klaar, dikke sokken en de zelfgebreide afschuwelijk mislukte trui ook.
Ik kom voorlopig mijn atelier niet meer uit, alleen voor de hoogst noodzakelijke dingen.
Mocht u in de loop van deze week een grommend klein monstertje uit uw computer horen komen, dan zou ik dat wel eens kunnen zijn...




 






maandag 11 februari 2013

te snel voorbij

                    De sneeuw smelt
                           en ik ook






zondag 10 februari 2013

wit gezicht

   en de sneeuw maakte dat ik kon doen
alsof alles anders was,
maakte van het stomme vliegtuigbeeld
een malle hond met hangende oren
veranderde scherpe punten in zachte komma's
  
   en de vlokken die m'n capuchon raakten
werden als vanzelf
zacht tegen 't tentdoek tikkende vliegjes.
  
   en de wilde zinnen die ik in me had
bleven binnen
bang de wattige stilte te verscheuren
  
Zacht werd het
zo zacht

Ik moest zitten
schepte de stilte met mijn handen
en gaf het een gezicht









maandag 4 februari 2013

machine

Vandaag wilde ik dat ik een machine was
die werd bediend door iemand
die verstand van me had,
gewoon op mijn knopje drukte
zodat ik onverstoorbaar zou doen wat moest
totdat ik uit mocht







zondag 3 februari 2013

tante Polder in het boek van Frederik

Een week of 2 terug lag er weer een nieuw boekje op de mat. Was 't al bijna vergeten, is ook alweer een tijd geleden dat ik het geschreven heb. Het leuke van dit boekje is dat hier een oud vrouwtje in 'speelt' wiens naam tante Polder is. Deze naam komt uit mijn jeugd, van toen ik regelmatig bij mijn lievelingsnichtje in Zwolle logeerde.
Bij haar in de straat woonde een mevrouw die zij tante Polder noemde. Geen idee waarom, of dat haar achternaam was, of een bijnaam, of een koosnaam, maar bij die mevrouw, die al oud was in mijn ogen, lieten we altijd papillotten draaien in ons haar. Ze deed dat met reepjes gescheurd laken, draaide onze hele haardos daar in, en dan gingen wij met een hoofd vol opgekrulde lappen over straat terug naar het huis van mijn nichtje. Daar kropen we gelukzalig en verwachtingsvol in bed om de volgende ochtend wakker te worden met een prachtige kop met pijpenkrullen die de hele dag luchtig om ons heen deinden. Prachtig.
Voor het boek 'Frederik' heb ik moeten strijden met de redactrice om de naam van tante Polder in het boek te mogen laten staan. Ze vond het maar een rare naam, vroeg meerdere keren waarom het 'Polder' was (komt ze uit de polder dan?), en waarom ik haar 'tante' noemde terwijl ze alleen maar een buurvrouwtje was, maar al die keren dat ze er over zeurde en het anders wilde, zei ik dat ze tante Polder heette zonder uit te leggen waarom. Pas toen ik haar na veel heen en weer gemail vertelde dat ik het perse zo wilde omdat het iets van mij van vroeger was, mocht het blijven staan. Maar stom vond ze het wel.
Mij kon het niet schelen dat ze dat stom vond. Ik vond het leuk, die naam.
Nog steeds!