maandag 18 juli 2011

Leuk, toch?

De Kale heeft al helemaal zin om dit stukje te lezen. Hij hoopt namelijk dat het één grote scheldkannonade gaat worden vanwege de regen die sinds gisteren weer met bakken uit de lucht komt vallen. Hij hoopt op smeuige, soppige, sappige taferelen over modder en bagger en bende, over kou en nattigheid en over een auto die nu bij de garage staat vanwege een kaduke koppeling, over de nederlaag die ik heb geleden omdat ik gisteravond verloren heb met scrabble, over koude voeten en natte was en nog meer van dat soort dingetjes.
Maar.
Ik ga hem teleurstellen.
Want!
Ik vind het allemaal niet meer zo erg.
Welnee.
Ik raak er aan gewend.
En daar komt bij dat de Kale zowaar een klein kacheltje uit de bagage toverde, waardoor het in ons kleine tentje heerlijk warm werd, en knus, en lekker onoverzichtelijk met al onze fijne rommeltjes om ons heen.
Ha!
Wij laten ons niet klein krijgen namelijk.
Wij maken er wel wat van.
De kinderen slapen uit, ik zit in een droog computerhok, de Kale schuimt wat rond hier en daar, en zo scharrelen we ons gemoedelijk door de dag. We fantaseren met andere hardcore kampeerders over zuurkool, ertwensoep en stamppot andijvie met spekjes, en we verzinnen plannetjes om het een beetje aangenamer te maken voor de nieuwe kampeerders die vandaag zullen komen. Misschien dat we stukken karton kunnen gaan halen of zo, of pallets, of misschien is het ook leuk om alvast een paar stoeltjes neer te zetten en gewoon te gaan kijken hoe ze dat allemaal gaan doen. Er is tenslotte geen beter vermaak dan leedvermaak.
En verder worden er vandaag 4 films gedraaid en is er vanavond een tafeltenniswedstrijd.
Leuk, toch?
Dus, Kale, ik heb vandaag geen gejeremieer voor je.
Sorry.
En dan ga ik nu maar weer aan de scrabble. Of karton zoeken.
Jaaaa, laat ik eens karton gaan zoeken.
Kilo's karton waar ik het gras mee ga bekleden, en de straten, en de tent.
Jippieieieieie!

donderdag 14 juli 2011

na regen komt zonneschijn en nog meer leuks

Baggerbende

Dit was gisteren
en
DIT
is vandaag

Met de schatten van de zee een schelpenmobile gemaakt

Ook gevonden op het strand
Doet me ergens aan denken...


Muis/Steen

Uitzicht vanuit de tent

Tja.
Ik had associaties.
U ook?

woensdag 13 juli 2011

over regen en over Sinterklaas die niet komt helpen

Ik wil het met jullie hebben over regen. Regen is water dat uit de hemel komt. Het ontstaat door omstandigheden die wij mensen niet in de hand hebben. Soms valt het hard, soms zacht. Soms komt er wat onweer bij kijken, en meestal ook wat wind. Regen is goed te voorspellen, maar soms ook niet. Regen duurt altijd langer dan je wil. Je kunt een regenjas aandoen om je er tegen te beschermen, of een paraplu gebruiken, maar regen is eigenwijs en kruipt overal doorheen.
Door regen ontstaan er plassen. Die plassen liggen op straat, in een veld of in je tent. Als er plassen ontstaan op voormalige weilanden met kleigrond, onstaat er natte klei. Doorgaans ligt natte klei op een draaitafel en worden er potjes van gemaakt, maar als het in en om je tent ligt, kun je er niet zo veel meer mee. Dan heeft de klei een potje van zichzelf gemaakt. Natte klei heeft de onaangename eigenschap zich in klonten onder schoenen en laarzen te verzamelen. Het voordeel hiervan is dat je daardoor 10 centimeter groter lijkt. Het nadeel is dat het klote loopt en dat je er voortdurend van op je bek gaat.
Regen valt graag en gestaag in gebieden die grenzen aan oceanen. Regen komt vaak niet over bergmassiefjes heen, zodat het bij voorkeur blijft hangen in de voorlopers van die massiefjes.
Waar wij zitten is het prachtig. Het ligt vlak bij een oceaan en in de verte kunnen we bij helder weer de Pyreneen zien, ook wel bergmassief genoemd. Achter het bergmassief ligt Spanje. Daar is het vást en zeker lekker weer en daar woont Sinterklaas. Ik heb hem gisteren gebeld en gevraagd of ik alvast mijn kadootje mag.
Wat ik dan wou hebben, vroeg hij.
'Een paraplu,' zei ik. 'En een droger, een bed en schone kleren. Met een huisje eromheen.'
Of ik verder nog iets wilde, vroeg hij.
'Niet echt,' zei ik.
Toen begon hij te lachen.
'Kind,' zei hij toen, 'stel je niet zo aan. Zie de lol er van in. Drink die fles juttersbitter leeg met die Kale van je en wacht op betere tijden. Het is maar twee weekjes, malle meid. Kom op, je kunt het.'

dinsdag 12 juli 2011

Kramperen

We zitten op een heuvel in de Pyreneeen. 's Nachts staat de maan met een dikke grijns op haar bleke gezicht te kijken naar hoe ik me bukkend en in het donker tastend in m'n slaapkzak wurm. Krekels zingen hun lied, gedempte stemmen omringen me. Ritsen gaan open en dicht, slippers sloffen over het grind.
'Truste mam,' zegt Jongste, die voor het eerst alleen in een tentje ligt.
'Truste, skatje' zeg ik, en dan draai ik me om en probeer ik de harde en stenige grond niet te voelen die door het matje heen komt. De nacht is gaterig, ik ben veel wakker en op een gegeven moment lig ik als een vacuum getrokken rollade in de slaapzak omdat de Kale iets onhandigs doet.
Het geeft niet.
Het is vakantie namelijk.
Twee weken hoeft dit maar, en het schijnt vanzelf te wennen...

donderdag 7 juli 2011

was ik maar wat normaler van reactie en zo

Het dolfijnenboek is bijna zo ver dat het naar de drukker kan. Dat betekent dat er uiterst secuur moet worden gekeken naar tekstfouten, suffigheden, slordigheden en inconsequenties op alle gebied. Het is een precies werkje en ik ben dolblij dat er zoveel mensen meekijken, want met z'n allen zie je absoluut meer dan in je eentje.
En verder betekent dit moment dat er eigenlijk alleen nog maar kleine wijzigingen aangebracht mogen worden. Geen gepruts meer met de tekst dus, en o, o, o, wat vind ik dat moeilijk. Daar word ik kanarie van, lieve mensen, want perfectionist die ik ben, lees ik altijd wel weer iets wat beter of mooier had gekund.
Ik vind dit het rottigste moment van boeken maken, het moment waarop ik goed voor druk moet geven en weet dat dit het is. Zoals het nu de deur uitgaat, zo krijgen de lezers het te lezen. Het is niet meer van mij, niet meer van ons, de makers, maar van de wereld die het kan maken en breken straks.
Het maakt me onzeker en jankerig, en  opeens weet ik niet meer of het wel goed is wat ik geschreven heb. Ik twijfel aan alles, voel de magie niet meer, zou het liefst met m'n kop onder het dekbed kruipen en dat hele ding natjanken van ellende. Ik oordeel hard, veel te hard natuurlijk. Ik heb geen genade, sabel mezelf op voorhand neer, wat natuurlijk helemaal niet aardig is, want ik ben best een lief meisje.
Maar goed.
Zo dus.
Het is van toppen naar dalen op dit moment. Zeer vemoeiend.

woensdag 6 juli 2011

pure dag

Ja, jeetje, en dan ga je op een zonnige dag weg met je aller-aller-allerliefste oudste vriend en dan flikker je een sarong in je autootje en een paar flesjes drinken en een kleedje en dan zit je een tijdje op de dijk in prikgras voor je uit te staren over het water en wijs je naar militairen die in hun veel te warme kloffie naar de overkant moeten roeien en dan klets je wat en memoreer je dingen waar je spijt van hebt, of niet, en dan rook je wat en smak je op een oud kauwgummetje, en dan ga je even later naar een strandje en dan zwem je wat, niet voorbij de vaargeul, en dan rook je eens een sigaretje en je luistert naar de eindsprint van de radio Tour de France en dan ga je in Elburg een ijsje slobberen met uitzicht op de haven en dan rij je terug over een weg die je niet kent en dan kom je een Vlierefluitertentje tegen waar je zelfgemaakte lekkere dingetjes kunt kopen en koffie kunt zetten, en cake kunt eten, en een plasje kunt plegen, en naar een kipje kunt kijken, en dan doe je wat geld in een potje en dan zeg je tegen elkaar dat het een geweldige dag is en dat je je gelukkig voelt en dat het net vakantie lijkt en dat je maar verwend wordt door de voorzienigheid of hoe het dan ook moge heten.