maandag 24 september 2012

Gevaren

Er was zondag een zeilwedstrijdje en de Kale, de Danseres en ik mochten daaraan meedoen. Meevaren. Meehelpen. Als bemanning. Niet op ons eigen bootje, maar op een Echte. Een grote, zeg maar, zo een met een kajuit, een wc en een koelkast. Heel fijn allemaal.
Eerst, toen ik nog thuis was en door de ramen naar buiten keek, vond ik het niet zulk lekker weer,
maar later, met d'n kop in de wind en een niet zo charmante zeilbroek om d'n kont, vond ik het heerlijk en kon ik zowat niet meer geloven dat ik thuis zo onbehoorlijk op het weer had gemopperd.
De wind wapperde om d'n oortjes, de lijnen stonden strak (ik moet lijnen zeggen, want als ik touwtjes zeg, word ik bijkans doodgeknuppeld), de zeilen stonden bol, maar soms ook klapperden ze en dat was dan het moment waarop ik harder aan zo'n lijntje moest trekken en keihard moest draaien aan zo'n lierdinges, wat heel zwaar werk was en ook wel precies kwam, want er kon maar zó iets mis gaan, iets losschieten bijvoorbeeld, of juist vast, of gewoon verkeerd of mis of net niet goed.
Toen we 2 wedstrijdjes hadden gedaan, zoals afgesproken, werden we afgetoeterd en sloegen wij op de haven aan, maar halverwege keek de Danseres, die de hele tijd al kapitein mocht spelen, eens om en zag dat niemand nog huiswaarts keerde.
'Zouden we anders nóg een wedstrijdje moeten doen?' vroeg zij zich hardop af.
'Gosj, ja, zouden we anders nóg een wedstrijdje moeten doen,' vroegen ook de Kale, de Fransman, de Eigenaar en ik zich af.
'Vaar maar efkes terug naar het wedstrijdveld, dan,' zei de Eigenaar van de Echte, waarop wij de reeds opgeschoten lijnen weer ont-wikkelden en ik wederom de handschoenen aantrok, want, o, m'n nagels, mensen, m'n nagels, zeilen is funest voor m'n nagels.
Affijn, lang verhaal kort, we moesten dus nóg een wedstrijdje varen en toen waren we behoorlijk laatste, en de Kale en de Fransman flikkerden bijkans nog overboord, maar alles kwam toch nog goed, en toen we een heel klein beetje vast liepen, was dat maar voor héél even, want de Echte heeft een motor die zomaar aanfloept als je op een knopje drukt, en die geweldige motor tuft je dan gewoon uit de ondiepte weer terug naar waar je eigenlijk had moeten blijven.
Toen we eenmaal aan wal waren, aten we bitterballen en dronken we een glas bier en we zeiden tegen elkaar dat het een mooie middag was geweest en dat het maar goed was dat we erop uit waren gegaan, anders hadden we de hele dag maar binnen zitten sippen.
Onderweg naar huis begon het te regenen, en wij hebben er niet één spetter van op ons kop gekregen. Of dat mazzel is!



1 opmerking:

Zuster_Klivia zei

Dat klinkt heerlijk! Ik heb dit jaar helaas nul keer gezeild. Ik heb mijn hoop op 2013 gericht. Dan gaan we de schade inhalen.